vrijdag 14 maart 2014

Deirdre en de zonen van Usnach


 
Beste lezers,

Van mijn docente Nederlands zou ik een gedicht krijgen van A. Roland holst die ik moest analyseren. Ik heb liever dat ik een gedicht analyseer dan dat ik nog een boek ga lezen. Maar nee, mijn docente Nederlands vond dit een prachtig verhaal dus zei ze: lees hem maar. Ik las de eerste pagina en ik dacht bij mezelf ***. Ik legde het boekje meteen weg. Afgelopen week dacht ik, **** ik moet het boekje wel gaan lezen omdat ik er nog kort wat over moet vertellen op mijn blog. Dus ik begon met lezen en lieve lezers uiteindelijk viel het reuze meer. Ik had dat ding zo snel uitgelezen en ik snapte ook nog eens het verhaal. Het verhaal kwam me zo bekend voor. Volgens mij bestaan er  veel verhalen die hierop lijken. Maar het blijft natuurlijk altijd leuk om een verhaal over een meisje die zo knap is dat ze heel veel aandacht krijgt van jongens en mannen. Het enige wat ik minder leuk vond aan dit boek waren de uitgebreide natuurbeschrijvingen en de enorme hoeveelheid aan beeldspraken die er in stonden. Voor de mensen die het verhaal nog niet hebben gelezen, kunnen hieronder een samenvatting ervan lezen.
Fedlime is een harpspeler aan het hof van Concobar Mac Nessa, de koning van Ulster (een van de vijf koninkrijken waarin het oude Ierland was verdeeld). Op de dag dat zijn eerste kind geboren wordt, verschijnt een druïde die voorspelt dat het meisje een ‘vlam van schoonheid’ zal worden en daardoor verraad en verwoesting over het koninkrijk zal brengen. De druïde noemt haar Deirdre van de Smarten, omdat velen zullen sterven in haar naam. Fedlime en zijn vrouw willen dit voorkomen en daarom zenden ze het kind, als het zeven jaar oud is, met de verzorgster Lavarcham naar een eenzame plaats, in een streek waar zelden mensen komen en die niet ver van de zee is. Daar gaan Deirdre en Lavarcham in een oude toren wonen. Als Deirdre opgroeit, blijkt de voorspelling over haar schoonheid uit te komen.
Op een dag komt er een oude jager en deze ziet haar. Hij gaat naar zijn koning, Concobar, en vertelt aan deze wie hij gezien heeft. De koning zoekt Deirdre op en ze spreken af dat hij na één jaar terug zou komen. Maar na een bepaalde periode ontmoet Deirdre een jongeman, genaamd Noisa. Ze gaat met hem mee en ze leven lange tijd lang en gelukkig.Maar dan worden zij, haar minnaar en haar broers door verraad teruggelokt naar de stad van Concobar. Hieruit volgt een lang gevecht waarin Noisa en zijn broers sneuvelen. Hierop verdwijnt Deirdre in de zee…


Adriaan Roland holst is geboren in mei 1888 in Amsterdam. Hij is een neef van de socialistische dichteres Henriette Roland Holst. Onder haar invloed begint hij ook te dichten. In 1908 verschijnen van Roland Holst al gedichten in het tijdschrift De XXe Eeuw. A. Roland Holst is voorbestemd om in het assuradeursbedrijf van zijn vader komen, maar hij blijkt voor het werk ongeschikt te zijn. Hij gaat een tijdje studeren in Oxford, onder andere Engelse letteren. Hij rondt geen enkele studie af, maar wordt in Engeland wel beïnvloed door de Keltische mythologie en de cultuur van Ierland. Onder invloed van de Iers-Keltische cultuur ontdekt A. Roland Holst zijn eigen grote thema: het onblusbare verlangen naar een paradijselijk Elysium, waar de tijd stil staat. Deirdre en de zonen van Usnach is ook een verhaal dat zich afspeelt in de Iers-Keltische cultuur.
Dit verhaal werd voor het eerst gepubliceerd in 1916 in De gids. Adriaan Roland Holst was een symbolist en daarom zijn er veel symbolische elementen verwekt in dit boek.

Ik zou dit boek van A. Roland holst plaatsen als een neoromantisch werk. Het boek bevat namelijk romantische als noodlottige kenmerken. Het romantische is het vluchten uit de werkelijkheid. Bovendien speelt het verhaal zich af in het verleden en op een exotische plek, Ierland. Daarnaast is het lot van Deirdre dat ze nooit helemaal gelukkig kan worden. Haar liefde wordt vermoord waardoor zij ook dood gaat. Ook in dit verhaal zag ik de fantasievolle, wonderlijke en liefelijke elementen. In het verhaal las ik ook een paar keer overeen zwerver tegen en dit zijn allemaal typerende kenmerken van de neoromantiek.

donderdag 13 maart 2014

Morgen ben ik weer thuis


Beste lezers,

Ik heb laatst Morgen ben ik weer thuis gelezen van Simone Vlugt. Ik houd van spannende thrillers en detective boeken. Dus toen ik dit boek zag wilde ik hem meteen gaan lezen.
De 11- jarige Britt Strijbis komt na haar turnles niet meer thuis. Ze is meegenomen door iemand in een bestelbusje. Na een paar uur doet haar moeder aangifte en al snel wordt duidelijk dat haar vader Roy de Graaf er wat mee te maken heeft. Roy heeft zijn dochter nooit gezien. Tien jaar geleden waren de ouders van Britt uitelkaar gegaan. Roy is een crimineel die heel veel jaren in de gevangenis heeft doorgebracht. Hij kon er niet tegen dat zijn ex-vrouw hem uit de ouderlijke macht heeft laten zetten. Hij wil nu wraak nemen op haar. Met hulp van een beperkt verstandige Lucas is het hem gelukt om Britt te ontvoeren. Later blijkt dat Lucas seksfoto’s heeft genomen en wordt daarom neergeschoten door Roy.

Britt is een dapper, elfjarig meisje dat niet zo snel in paniek raakt als ze wordt ontvoerd. Ze blijft onderweg goed opletten, waar ze rijden. Ze probeert contact te zoeken met thuis via haar mobiele telefoon. Ze blijft loyaal aan haar vader die ze daarvoor nog nauwelijks heeft gezien. Ze is slim en weet informatie enkele keren via de mobiele telefoon door te spelen. Op een bepaald moment kan ze ertussen uit knijpen en dan brengt ze heel dapper de nacht in het bos door. Ook weet ze eten en drinken te stelen voordat ze weer in handen valt van haar vader, maar ze blijft loyaal aan hem als hij wordt neergestoken door een Pool.
Lois is een jonge, eigenzinnige rechercheur. Ze let heel goed op wat ze eet en drinkt en is verder erg onconventioneel. Ze reageert meer met haar hart dan met haar verstand. Dat betekent dat ze impulsief is en gewoon doet wat haar hart haar ingeeft. Zo gaat ze gewoon met de moeder van Britt naar Duitsland, omdat ze het gevoel heeft dat ze daar iets kan uitrichten. Dat is natuurlijk tegen de wil van haar leidinggevenden in. Ze is ook nog niet van plan zich te binden aan een man. Ze haalt haar zus Tessa over even te wachten met de beslissing abortus te plegen als ze weet dat ze in verwachting is.


Hier en hier kan je een goede recensie lezen over dit boek. Dit boek is zeker een aanrader voor mensen die van thrillers en een beetje spanning houden!

dinsdag 11 maart 2014

De 100 jarige!


 

Het is niet zo verwonderlijk dat de Zweedse journalist Jonas Jonasson de Swedish Book Sellers Award ontving. De titel van zijn debuutroman is al pakkend genoeg. In het boek gebeurt  er precies wat er in de titel wordt beschreven.  Alleen al in Zweden zijn er ruim 700.000 exemplaren verkocht van dit boek. Ook meldt de ene na de andere recensent dubbel te hebben gelegen tijdens het lezen van dit boek. Misschien behoort dit boek niet bij de literatuur maar in mijn visie is dit boek zeker een literaire werk bovendien kan je gewoon niet stoppen met het lezen van dit boek. Het boek is erg meeslepend.
Allan Karlson klimt op zijn 100ste verjaardag uit het raam van het bejaardentehuis. Hij is de regels daar zat en hij is toe aan wat brandewijn. Allan vervolgt zijn weg naar het busstation waar hij van een jongeman de opdracht krijgt om op zijn koffer te passen. Als Allan’s bus arriveert, kun je waarschijnlijk al voorspellen dat Allan de koffer meeneemt. Deze koffer speelt een grote rol in het verhaal. In de koffer zit namelijk een behoorlijk bedrag aan maffiageld. Allan maakt in het verhaal veel nieuwe vrienden die niet allemaal even intelligent zijn. Er ontstaat een grote achtervolging naar de 100 jarige man en zijn handlangers, enerzijds door de maffiabaas en anderzijds door commissaris Aronsson.

Behalve het avontuur door Zweden wordt er in het boek ook verteld over het leven van Allan. Het blijkt dat hij in zijn 100 jarige leven belangrijke dingen heeft meegemaakt. Hij heeft bijvoorbeeld veel wereldleiders ontmoet. Sommige heeft hij geholpen maar sommige heeft hij ook bedrogen en beledigd. Hij heeft bijvoorbeeld de leider van de Sovjet unie een keer beledigd door hem een verkeerd gedicht op te dragen. Allan is in diverse lande gekomen: China, Korea, Iran, Spanje en Rusland.  Niet overal kreeg hij zijn brandwijn. Dit is een belangrijk motief in het boek. Toen hij in de Russische gevangenis belandde was dat geen groot probleem voor hem. Pas toen hij geen brandewijn kreeg, besloot hij te ontsnappen.

“De toon van de 100 jarige man… is los en feestelijk. Jonasson houdt, met de reis door de tijd en door de wereld, de aandacht van de lezer gevangen”. Hij maakt door de vele reizen, het verhaal avontuurlijk. Daardoor is het heel erg makkelijk om beelden te vormen bij dit verhaal. Hierdoor is het verhaal erg meeslepend en wordt de lezen genoodzaakt(uit nieuwsgierigheid) om verder te lezen, Allan Karlson komt overal en is onsterfelijk.

De hoofdstukken over Allans tripje in Zweden worden afgewisseld met hoofdstukken over zijn leven. Allan raakt betrokken bij het maken van de atoombom en hij speelt ook een belangrijke rol bij vele oorlogen. Allan ontmoet ook veel wereldleiders zoals president Truman en Roosevelt, dictator Stalin en Mao Zedong. Al deze werkelijke gebeurtenissen leiden er toe dat de lezer er van overtuigd wordt dat Allan werkelijk heeft bestaan. “Doordat het boek meerdere malen een absurde wending neemt blijft de lezer tot de laatste bladzijde benieuwd naar de afloop van het verhaal”.Het einde van het verhaal komt niet in zicht doordat Allan voortdurend in problemen beland. Steeds wordt je verbaasd om het feit dat Allan zich zo makkelijk uit alle problemen kan wegwerken. De spanning blijft er goed in zitten vanwege het onvoorstelbare einde.
Het boek zit ook vol met droge humor doordat Allan altijd positief naar de wereld kijkt. Hij laat zich door niets en niemand van zijn stuk brengen. Het boek zit vol met overdrijvingen en het doorbeken van het gewone hierdoor is de geloofwaardigheid erg hoog. Tot slot wil ik nog zeggen dat dit boek echt één van de leukste boek was uit mijn leeslijst.

 

 


vrijdag 10 januari 2014

Slapen & Slapeloosheid


 
Beste lezers,
Stel je eens voor dat je in de nacht niet kunt slapen. Hiermee bedoel ik niet dat je wegens omstandigheden bijvoorbeeld een nachtje niet kunt slapen. Maar dat je hele leven lang niet kunt slapen doordat je aan slapeloosheid lijdt.
Onlangs heb ik het boek Slaap gelezen. Dit boek is geschreven door Annelies Verbeke. Het boek gaat over een getalenteerde vrouw Maya die aan slapeloosheid lijdt. Maya kan niet slapen en is hierdoor snel gefrustreerd. Dit reageert ze af door anderen uit hun slaap te houden of wakker te maken. “ Ze hadden al nachtrust gehad, op zijn minst een tukje gedaan. Zo niet, dan gingen ze er eentje doen. Die rotzakken. Ik zou ze leren.”  Uit dit stukje blijkt bijvoorbeeld dat Maya erg jaloers is op haar vrienden en collega’s die wel kunnen slapen. Maya probeert er alles aan te doen om in slaap te vallen. Ze heeft adviezen gevolgd van vrienden, familie en zelfs van artsen. “Ik volgde hun raad nauwkeurig op. Joggen voor het slapengaan. Warme melk met honing. Ademhalingsoefeningen. Een Alprazolam. Vijf Alprazolams. Een jointje. Een fles wijn. Stapels boeken.” Hieruit blijkt dat Maya echt wilt slapen maar dat het gewoon niet kan en dat ze zich dus niet aanstelt.
Maya heeft door al haar frustraties de relatie tussen haar en haar vriend Remco verbroken. Ze kon er niet tegen dat hij al heel snel in slaap viel. Uit alles blijkt dus dat Maya aan een psychische stoornis lijdt. Hierdoor raakt ze zowel lichamelijk als emotioneel uitgeput en heeft daarom behoefte aan een soortgenoot In de nachten gaat Maya op zoek naar andere mensen die ook niet kunnen slapen. Ze wil bewijs hebben dat ze niet de enige is die niet kan slapen en tegelijkertijd zoekt ze iemand om mee te kunnen praten over haar problemen. Maya ontmoet Benoit de Gieter van drieënvijftig die ook aan slapeloosheid lijdt. Hij had net als Maya ook behoefte aan iemand die precies begreep hoe het zat en hoe je je voelde. Benoit heeft niet alleen last van slapeloosheid maar hij heeft ook last van zijn vage grens tussen realiteit en fantasie. Bij Benoit staan zijn dromen centraal.
Als Benoit slaapt, droomt hij bijna altijd over Frederik. Frederik is een potvis, die in zijn dromen voorkomt. Frederik geeft Benoit een soms andere kijk op het leven, en zorgt voor een ‘veilige omgeving’. Benoit wil dan ook bij Frederik blijven, omdat hij veel vriendelijker is dan de realiteit. Benoit wil dan ook graag bij de potvis blijven, maar deze waarschuwt hem dat dat niet kan, omdat hij anders aan zal spoelen. Zodra een fantasie terug komt in de realiteit raakt hij dan ook in de war. Het volgende stukje is een citaat uit het boek en speelt zich af op het strand.

“Op dat moment rende Benoit in beeld, met kapotte kleren en een blik vol angst. Hij leek het dier eigenhandig weer in het water te willen duwen, zette er zijn volle gewicht tegenaan, streelde het, praatte ertegen, struikelde eromheen. Uiteindelijk zeeg hij neer voor de enorme mond en trachtte zich vergeefs naar binnen te wurmen.”

Benoit denkt dat de aangespoelde potvis Fredrik is en wilt hem weg duwen in de zee. Hij denkt dat hij daar weer veilig zal zijn.
Hij beseft niet dat Frederik een verzinsel is uit zijn dromen, en dat hij zich nu in de realiteit bevindt.
Ik hoop dat jullie nu ook meteen snappen waarom het boek Slaap! heet. Ik heb jullie een soort van samenvatting gegeven en heel wat informatie over de personages maar als jullie willen weten hoe het verhaal afloopt moeten jullie het boek lekker zelf gaan lezen. Dit boek is zeker een aanrader. Hoewel ik het realiteitsgehalte af en toe wel laag vond, vond ik het boek al met al een erg grappig
en leuk boek!
Hierbij een link naar een goede recensie en hierbij een link naar de biografie van Annelies Verbeke.




















woensdag 11 december 2013

De Stiefmoeder


 
Een misverstand tussen twee echtgenoten dat leidt tot een fatale ruzie. In een gezin met een stiefmoeder is dat natuurlijk vele malen erger. Het tiende boek van Renate Dorrestein geeft hier een goed beeld van. Het is een helder en spannend verhaal met soms leuke grappen erin. Het is een verhaal dat je niet heel snel zult vergeten. Het boek gaat over Claire die getrouwd is met Axel. Claire heeft een stiefdochter Josefien. Ze maakt quilts, lappen dekens, waar ze een prijs voor mag ophalen in Engeland. Ze zou samen met haar man Axel gaan maar door een onverwachte en daverende ruzie moet ze in haar eentje gaan.

In dit boek wordt Claire niet altijd geaccepteerd door haar stiefdochter. Claire heeft zoveel jaren gezorgd voor Josefien. En als je dan stukken leest waarin Josefien zelfs de spullen van Claire weggooit en liegt tegen haar vader over Claire dan begin je toch medelijden te krijgen met Claire.

Renate Dorrestein schreef dit boek met de intentie om andere stiefmoeders te laten zien dat je als stiefmoeder bijna nooit de plek van de echte moeder kunt innemen. Hoe betrokken je ook bent bij de nieuwe familie. Je blijft een vreemde. Als stiefmoeder kan je het beste je niet al teveel bemoeien met de opvoeding van de kinderen, al pakt je man het verkeert aan.

De manier waarop Renate Dorrestein dit boek heeft geschreven vind ik persoonlijk erg leuk. Het boek bestaat namelijk uit drie delen. Het eerste deel wordt verteld door Claire(stiefmoeder), het tweede deel wordt verteld door Axel(vader) en het laatste deel door Josefien(dochter). Claire maakt quilts en een quilt is een doorgestikte deken. Het wordt gemaakt van drie lagen textiel die op elkaar worden genaaid door middel van quilten. Misschien heeft Dorrestein het boek ook in drie delen gesplitst die samen 1 verhaal vormen. Ik vind het wel origineel en leuk bedacht als Dorrestein ze dit zo met opzet heeft gedaan.

Wat ik ook erg spannend vond aan dit boek en medelijden kreeg met Claire was dat Claire de schuld kreeg van abortus plegen terwijl zij dat helemaal niet heeft gedaan. Haar stiefdochter heeft dat gedaan. Ik kon mij erg goed inleven in Claire. Ze kreeg de schuld voor iets wat zij helemaal niet had gedaan. Claire wil natuurlijk dat ze niet zo naar wordt behandeld door haar man die denkt dat ze abortus heeft laten plegen. Hij is namelijk volop tegen het plegen van abortus. Maar Claire die wil haar haar stiefdochter natuurlijk ook niet verraden.

Volgens velen is dit boek niet meer dan een geroutineerd, bij vlagen wervelend vertelt verhaal. Maar dit boek is zeker geen saai verhaal over een stom gezinnetje. Wat dit roman ook sterk heeft gemaakt, is de soepele schrijfstijl en de spottende blik op zaken als huwelijk, moederschap, vrouwelijkheid en nzelfsprekend sardonischemannelijkheid. Concluderend wil ik dan nog even zeggen dat de Stiefmoeder een leuk en spannend boek was. Zeker een aanradertje net als al mijn andere boeken………

Kleine dagen


Kleine dagen maar mooie herinneringen!

Onlangs heb ik een boek gelezen die gaat over de vader-kindrelatie. Dit boek heet Kleine dagen en is geschreven door Bernard Dewulf. Kleine dagen is een genadeloze analyse van de tijdgeest die gaat over opgroeiende kinderen. Het is dan ook niets voor niets dat Dewulf onlangs de Libris literatuurprijs heeft gewonnen voor dit boek. Het was een spannend, realistisch en lekker leesbaar boek.
Ten eerste komt dit doordat het boek gaat over alledaagse dingen. Het zijn onderwerpen de dicht bij het dagelijkse leven staan en dus makkelijk herkenbaar zijn voor mensen. In het boek Kleine dagen beschrijft Dewulf de relatie met zijn kinderen. Het gaat over hoe zijn kinderen opgroeien en hoe ze zo snel veranderen. Het volgende citaat is een goed voorbeeld van een beschrijving over zijn kinderen. “Sneller kennen ze hun tafels van vermenigvuldigen dan de handelingen van de groet. Als een Paternoster moeten wij het herhalen: rechterhand, goed drukken, hoofdje omhoog, kijken naar meneer of mevrouw, of juffrouw en dan: dag+naam”. Dit soort beschrijvingen maken het lezen leuk. En naast het feit dat de meeste beschrijvingen grappig waren, waren de meeste ook realistisch. Ik zou zo geloven dat het een echt gebeurde situatie is.
Het feit dat het boek over alledaagse dingen gaat, is ook de reden dat ik sneller ging meeleven met de situaties. Hierdoor wordt het lezen spannender. De vader wilt graag zorgeloos zijn maar op de achtergrond spelen. De vader vindt bijvoorbeeld dat hij vel ouder is, dat zijn kinderen ooit weg zullen gaan om hun eigen leven te leiden en dat er een tijd komt waarin hij ze dagen, weken misschien maanden niet zal zien. Wie eenmaal kinderen heeft , zal vanzelf vervuld raken en meevoelen met dit probleem. Dewulf noemt dit ook wel “het verdwijnvrees”.
Een ander aspect dat het lezen spannender maakte , was het feit dat het boek Kleine dagen niet een verhaal was,maar het waren eigenlijk allemaal korte verhalen die op een chronologische volgorde werden verteld. Dit boek heeft dus een originele structuur en hierdoor vergeet je het boek ook niet zo snel. En eigenlijk wil ik mijn complimenten geven aan Dewulf dat hij het boek zo goed in elkaar heeft kunnen zetten. Je zou namelijk denken dat je door de verschillende verhaaltjes in de war zou raken, dit was echter niet het geval.
De roman viel ook op door het poëtisch taalgebruik. Ik zal jullie een voorbeeld geven: “Ineens was er aarde om mij heen. Dan wordt het even stil. Nooit zullen mijnvingers groen uitslaan”. Je kunt hier de relatie aarde en groen eruit halen. Als je denkt aan aarde dan denk je ongetwijfeld aan groen. Je zult niet zo verbaasd  of verast opkijken door dit poëtisch taalgebruik van Dewulf als je weet hij ook een dichter is.
De verhalen zijn niet zomaar ‘ontroerend’ of ‘herkenbaar’. De precieze beschrijvingen en de elegantie van de verwoording spelen hier ook een grote rol in. Soms kan je bij boeken wel eens afdwalen door de lange en saaie beschrijvingen, in dit boek was dit echte niet geval. De beschrijvingen waren juist grappig, leuk en soms een beetje emotioneel. Ondanks dit stonden er af  en toe zinnen in die je opnieuw moest lezen om te begrijpen wat er mee werd bedoeld. Zoals dit stukje: “de tuin is nieuw, de poes is oud, de tuin is oud, de poes is nieuw”. Gelukkig waren er niet veel van dit soort vage zinnen, want dan zou het lezen wel moeilijk en saai worden. Over het algemeen was het gewoon makkelijk taalgebruik en kon je lekker snel doorlezen. 
Dewulf beschrijft naast alle mooie dingen van opgroeiende kinderen, ook de ongemakkelijke kanten ervan. Volgens mij houdt Dewulf veel van kinderen en was dat misschien de aanleiding geweest voor het schrijven van dit boek. Het kan natuurlijk ook zo zijn dat hij wat kwijt wilde over de opvoeding van zijn eigen kinderen.

Het poëtische taalgebruik en de mooie beschrijvingen maakten het lezen van dit boek grappig. Ook kon ik me goed inleven in de personages omdat het boek over alledaagse dingen ging. De structuur was ook origineel door de chronologische verhalen. Al met al vond ik dit een origineel en spannend boek. Het opgroeien van kinderen gaat erg snel maar gelukkig blijven de mooie herinneringen er altijd!

maandag 24 juni 2013

Leeservaringen


Beste lezers,
 
Het einde van het jaar is in zicht. En ik zal jullie wat gaan vertellen over mijn leeservaringen die ik het opgedaan dit jaar. Ik hou er echt niet van om te lezen maar het is me wel gelukt om de volgende boeken te lezen.
 
- Van de koele meeren des doods
- De donkere kamer van Damokles
- De stille kracht
- De Karakter

 
Dit waren namelijk erg leuke, spannende en  avontuurlijke boeken. Wat mij zo leuk lijkt tijdens het lezen is als er herkenbare situaties voorkomen. Dat maakt het lezen voor mij leuker. Voor meer informatie over deze boeken hoeft u maar eventjes naar beneden te scrollen maar u kunt ze natuurlijk ook zelf gaan lezen!

Karakter



 
Beste lezers,

Stel je eens voor dat je als arme jongen onder nare omstandigheden opgroeit. Je woont alleen samen met je moeder. Je weet niet wie je vader is en je moeder wil dat ook niet zeggen. Je weet alleen hoe hij heet. Ondanks alles ga je zo je best doen om wat van je leven te maken, maar op een gegeven moment kom je erachter dat je vader je in alle opzichten dwars zit. Dit heeft de hoofdpersoon Jacob katadreuffe meegemaakt in het boek Karakter. De moeder van Jacob, Jacoba Katadreuffe, was een huishoudster/dienstbode bij de deurwaarde A.B. Dreverhaven. Maar na een kortstondige relatie ( zeg maar wat we nu een one-night stand zouden noemen) waaruit Jacob geboren wordt, neemt zij ontslag en weigert bovendien met Dreverhaven te trouwen of financiële middelen van hem aan te nemen. Jacob groeit op in een arme wijk in Rotterdam zonder te weten wie zijn vader is. Jacoba verdient geld door wat handwerk te verkopen. Zodoende kunnen ze zich veroorloven om te verhuizen naar een betere wijk. Jacob maakt zijn lagere school af en heeft ook allerlei bijbaantjes. Op een gegeven moment koopt hij een sigarenwinkeltje in Den Haag en gaat hij zichzelf wonen. Om de winkel te financieren gaat hij lenen bij de kredietbank. Hij weet niet dat zijn vader daar de eigenaar is. Zijn vader verklaart na een tijdje de zaak failliet. Bij de taxatie blijkt dat zijn bezit bestaat uit een serie boeken ter waarde van slechts vijftien gulden. Door dit kleine bedrag wordt het faillissement opgeheven.  Als hij 21 jaar is, krijgt hij een baantje als bediende op het advocatenkantoor van Mr. Stroomkoning. Het is een groot advocatenkantoor waar vijf naamborden naast de deur hangen. Als Jacob dit ziet, besluit hij dat hij zelf ook advocaat wil worden.

Met zijn eigen inkomen gaat hij op zichzelf wonen en volgt hij een zelfstudie. Dreverhaven vraagt een paar keer het faillissement van Jacob aan. Jacob weet inmiddels dat het zijn vader is die de hele tijd achter hem aan zit. Telkens als hij naar hem toe biedt hij Jacob een mes aan, om hem dood te steken, maar Jacob weigert.  In een simpele rechtszaak staan vader en zoon vervolgens tegenover elkaar. Hun laatste ontmoeting hebben zij als Jacob tot advocaat is beëdigd. Op een koele en zakelijke manier maakt hij hem duidelijk: "Ik erken u niet meer als mijn vader, u bestaat niet meer voor mij.".
Het verhaal eindigt met een merkwaardig voorval. Jacob vindt in de naaimand van zijn moeder een spaarrekeningboekje. Het blijkt dat zijn vader elke maand geld heeft gegeven aan zijn moeder. Al het geld komt hem, na haar overlijden, toe. Hij bedenkt dat zijn vader hem toch niet alleen heeft willen tegenwerken. Zijn vader verklaart dat hij het allemaal deed om zijn zoon te harden.

De titel ‘Karakter’ is gekozen omdat de roman vooral gaat over de 3 karakters die, omdat ze zo hetzelfde zijn, vaak met elkaar botsen. Het verhaal laat je ook zien hoe het karakter van Katadreuffe zich ontwikkelt onder de gebeurtenissen die hij meemaakt. Bijvoorbeeld bij zijn faillissementen. Ik vond karakter een erg leuk en spannend boek.  Ik kon mij erg goed inleven in Jacob. In het begin was het moeilijk om er doorheen te komen. Maar toen ik met moeite verder ging lezen vind ik het toch wel waard. Het is erg meeslepend, omdat je door de tijd word gesleept van een volwassen jongen die wat wil bereiken maar dat niks hem mee zit. Daarnaast vond ik het een realistisch boek.  Ik zou het zo geloven als dit boek gebaseerd zou zijn op een echt gebeurd verhaal.
Hier kunt u nog een recensie vinden over het boek karakter en hier kunt u nog wat extra informatie lezen over het boek.
En hieronder kunt u de trailer zien van de film Character.


 

vrijdag 24 mei 2013

De Stille kracht


 

Beste lezers,

 
Jarenlang dachten wij dat de Nederlandse literatuur uitsluitend om de Tweede Wereldoorlog en seks draaide. Ondanks het succes van Max Havelaar, hebben scholieren zoals wij vaak niet door dat deze literatuur ook leeft: romans over de Nederlandse kolonie, Nederlands-Indië. De afgelopen weken hebben wij het boek De stille kracht, geschreven door Louis Couperus, gelezen. Dit boek verliep niet zoals wij van tevoren hadden gedacht. Het was een avontuur, een wilde rit in het leven van Van Oudijck en zijn merkwaardige gezelschappen.

In dit bericht geef ik jullie een samenvatting over dit boek. Ik ga jullie wat vertellen over de historische achtergrond van het boek. Ik vertel jullie ook kort wat over het leven van de auteur.   

 
Samenvatting
De Stille Kracht gaat over de resident van Laboewangi, Otto van Oudijck. Hij woont daar samen met zijn vrouw, Léonie van Oudijck, zijn zoon uit zijn eerste huwelijk, Theo, en zijn dochter Doddy, en nog twee kleine zoontjes. Doddy heeft een relatie met Addy, een jongen uit het dorp. Van Oudijck gaat zo op in zijn baan dat hij niet doorheeft dat zijn vrouw een affaire heeft met Theo én Addy, maar die weten dit natuurlijk niet van elkaar.

Het dorp waarvan Van Oudijck de baas is wordt geplaagd door de zogenaamde ‘stille kracht’. De bewoners van het dorp geloven dat deze stille kracht bestaat om de Nederlanders uit de regio te verjagen. Als Van Oudijck de regent uit het dorp ontslaat omdat hij van mening is dat de regent zich onbeschoft gedraagt, fluistert het hele dorp dan ook dat de stille kracht uiteindelijk zijn werk zal doen. Als Van Oudijck dit hoort, gelooft hij daar helemaal niks van. Maar op het moment dat er werkelijk aparte dingen gebeuren in het huis van de familie, gaat iedereen weg. Van Oudijck blijft maar voor verklaringen zoeken, maar uiteindelijk moet ook hij dat opgeven.
De dorpelingen zeggen dat al de gebeurtenissen de schuld zijn van de (ontslagen) regent, en dat hij het ook weer kan stoppen. Als Van Oudijck de regent waarschuwt houden de vreemde gebeurtenissen apart genoeg op en gaat het leven verder. Van Oudijck komt achter het vreemdgaan van Léonie met Addy, maar Léonie redt de situatie nog net door te zeggen dan Addy alleen maar op visite was om  de hand van Doddy te vragen. Even lijkt alles goed te komen, tot Van Oudijck Léonie betrapt. Van Oudijck verbreekt het huwelijk en Léonie vertrekt naar Europa samen met de twee kleine zoontjes.

Aan het eind van het boek ziet Van Oudijck een man in een wit pak die achter Doddy en Addy aanloopt. Hij heeft dit al eerder gezien en trekt dan ook de volgende conclusie:

De stille kracht is terug.



Historische Achtergronden

Toen Couperus in 1921 in Engeland gehuldigd werd, rekende iemand hem het tot de zes grootste schrijvers van die tijd. Met dit nam Couperus zijn plaats in  het geheel van de wereldliteratuur. Zijn meesterwerk 'De Stille Kracht' is een goed voorbeeld naar waarom hij gehuldigd werd in Engeland. In deze historische roman beschrijft Couperus de spanning die er ontstond tussen de Oosterse en Westerse cultuur op Nederlands-Indië in de 19e eeuw. De historische achtergrond van het boek wordt in deze sectie behandeld.

Nederlanders tegen Indiërs       

Tegen het eind van de 19e eeuw, de tijd waarin het boek zich afspeelt, is de relatie tussen de Nederlanders en de kolonie gespannen. Na het wonder van Deli en de afschaffing van de cultures, was het een onwennige periode in Nederlands-Indië. Ook waaide de beruchte Atjeh-oorlog al sinds 1873 en nam het aantal Europeanen op Nederlands-Indië drastisch toe, zowel als de bevolking van de oorspronkelijke Indische bevolking. Hierover tegenover stond wel dat het vanaf 1870 tempo doeloe was. Kortom, het was een tijd van veel tegenstrijdigheid in Nederlands-Indië.
Deze tegenstrijdigheid is typerend voor deze tijd in de geschiedenis. Het is dan ook goed weergegeven in het boek van Couperus. Hij laat vaak in het boek blijken dat er een groot verschil is tussen de rijke Nederlanders en de arme oorspronkelijke bevolking van Nederlands-Indië. In het boek wordt het duidelijk gemaakt dat de Indonesiërs vaak als hulp werden gebruikt in het huishouden en beschouwd werden als minderwaardige mensen, terwijl de rijke Nederlanders extravagante levens leiden met heel veel overspel. Op deze manier laat Couperus het verschil tussen arm en rijk duidelijk zien.

Pasar Malam

Één van de eerste incidenten uit het boek waaruit blijkt dat de Nederlanders de inheemse bevolking niet goed begreep was de pasar malam markt, een soort avondmarkt. Dit werd op de verkeerde datum gehouden. Ook al is dit niet een waargebeurd evenement, is het wel symbool voor het onbegrip tussen de twee volken die samen in één land wonen.

Een goed voorbeeld hiervan is dat de Nederlanders de behoeftes van de Indonesiërs niet snapten. Dit is te merken aan de hoeveelheid relletjes en opstandjes die plaatsvonden tussen 1880 en 1900. De Nederlanders waren zich niet bewust, of negeerde bewust, van de problemen die de gewone Indonesiër had, en konden dus ook niet goed regeren. Op deze manier heeft Couperus beschreven hoe Nederland jarenlang de spreekwoordelijke pasar salam markt op de verkeerde datum heeft gehouden.

Seks

De vele seks en overspel in het boek symboliseerde het egoïsme en hebzucht van Nederland in de 19e eeuw. De vrouw van Van Oudijck gaat meerdere malen vreemd met meerdere mensen. Couperus gebruikt haar dus om te laten zien dat Nederland alleen aan zich zelf denkt. De kolonie werd alleen gezien als een toevoeging op de Nederlandse schatkist. Door het egoïsme van Van Oudijcks vrouw te uiten in seks laat de schrijver zien hoe belangrijk Nederland het vond om zichzelf te voorzien van geld en genot. Het lijkt erop dat Couperus meent te zeggen dat het hebben van een kolonie uit pure hebzucht ontstaat.

Wij geloven dat Couperus seks in het boek gebruikte als een politiek wapen omdat we uit ons standplaatsgebondenheid kunnen zien dat er na het publicatiejaar van 1900, er veel acties zijn ondernomen die uiteindelijk de ondergang van de kolonie zou betekenen. Voorbeelden hiervan zijn de afkondiging van de ethische politiek in de troonrede van 1901 en het invoeren van de decentralisatiewet. Wij geloven dat De stille kracht enigszins invloed op deze besluiten heeft gehad omdat het boek op slag populair werd. Hierdoor zou het bewust of onbewust meegenomen zijn in het besluitvormingsproces van de decentralisatiewet en het afkondigen van de decentralisatiewet.


Ontvangst van het boek

De stille kracht werd bij het uitgeven op slag een immens populair boek. Het wordt tegenwoordig nog steeds gezien als één van de grootste Indische romans, samen met Max Havelaar van Multatuli. Het boek werd vooral geprezen vanwege de thema's en motieven die het behandelt, die zo aangrijpend zijn voor de Indische literatuur. Enkele van deze thema's en motieven zijn al eerder in dit hoofdstuk beschreven. Van de onderlinge relaties binnen de koloniale heersend klasse en de verhoudingen tussen de Nederlanders en de Indiërs, tot de opkomst van de islam en de feodale sfeer in het deftige Batavia, allemaal zijn zij uniek voor de Indische literatuur. Couperus zou zelf na de verschijning van De stille kracht nog enkele boeken schrijven over Indië. Helaas werd geen van zijn boeken zo populair als De stille kracht.


 
Biografie Louis Couperus

Couperus is één van de Nederlandse grootste romanschrijvers geweest. Na de roman Eline Verre publiceerde hij behalve reisimpressies en verhalen veel historische en psychologische romans. Couperus bracht een groot deel van zijn leven buiten Nederland door. Zijn uitspraak ‘Zo ik iets ben, ben ik een Hagenaar.’ is erg bekend geworden. Zijn werk is ook bij buitenlandse schrijvers, zoals Oscar Wilde erg bekend geworden.


 

Ik heb op internet nog een hele goede recensie gelezen over de Stille kracht. Het is geschreven door Joop van der Berg en gepubliceerd in de Trouw.

Ik hoop dat ik jullie veel informatie heb kunnen geven en dat het allemaal duidelijk was!



De donkere kamer van Damokles

 




Hallo lieve lezers,

Onlangs heb ik het boek de Donkere kamer van Damokles gelezen. Een boek waar je nog lang over blijft denken na het lezen ervan. Hier kun je een goede samenvatting vinden en heel veel informatie over de grote en bekende schrijver: Willem Fredrik Hermans. In dit bericht geef ik jullie een korte analyse van het boek.

De donkere kamer van Damokles is een psychologische (oorlogs) roman. Het boek is verdeeld in ongenummerde hoofdstukken, zonder titel. Het boek begint gelijk met een verhaaltje uit de jonge levensjaren van de hoofdpersoon Osewoudt. Het boek eindigt met zijn dood.

Titel

De titel van het boek is De donkere kamer van Damokles. Dit past goed bij het boekt boek. De donkere kamer slaat op de kamer waar Osewoudt foto's ontwikkelt.Ook slaat de donkere kamer op eenzaamheid, op onzekerheid, isolement en de cellen waar Osewoudt verbleef.
Damokles verwijst naar een mythologisch figuur. Damokles is een dienaar van Dionysius en wil voor een dag de macht van zijn heerser. Dus Damokles mag dan voor deze ene dag op de troon van Dionysius zitten en geniet van alle rijkdom, maar dan zegt Dionysius hem omhoog te kijken en daar ziet hij boven zijn hoofd een zwaard aan een paardenhaar hangen. Dit zwaard boven zijn hoofd staat voor de constante dreiging die boven geluk en rijkdom hangt.
Met betrekking tot de roman kun je zeggen dat ook in Osewoudt’s leven er een constante dreiging bestaat.

Motto

Het boek heeft geen motto, maar wel een naschrift. Het is geschreven door Ludwig Wittgenstein:

“Ik kan hem zoeken als hij er niet is, maar hem niet ophangen als hij er niet is.
Men zou kunnen willen zeggen: ‘Dan moet hij er toch ook zijn als ik hem zoek.’
-Dan moet hij er ook zijn als ik hem niet vind, en ook als hij helemaal niet bestaat”

Dit slaat op Osewoudt die maar niet kan aantonen dat Dorbeck bestaat. Osewoudt kan Dorbeck nergens meer vinden. Hij kan geen bewijs meer vinden dat Dorbeck leeft of ooit heeft geleefd. Zelf gelooft Osewoudt er wel in dat Dorbeck heeft geleefd.

Genre

De donkere kamer van Damokles is een psychologische (oorlogs) roman.
 
Thema en motieven

Het thema van het boek is: zelf de werkelijkheid weten en vervolgens die werkelijkheid niet kunnen aantonen. De eerste helft van het boek is eigenlijk een voorspel van het tweede gedeelte. Het eerste gedeelte gaat over de werkelijkheid, en het tweede gedeelte over het niet kunnen aantonen van die werkelijkheid. Als je iets wilt bewijzen wat je niet hebt gedaan, en niemand gelooft je, en je kunt niemand iets bewijzen, is dat toch behoorlijk frustrerend. Bij Osewoudt eindigde die frustratie in de dood. Maar het thema sprak mij wel aan, vooral omdat je je wel in kon leven in het verhaal. Op het laatst wist je toch niet echt of Dorbeck nou wel of niet bestond.

Een paar motieven in dit boek zijn oorlog, de tram, het bordje, foto’s en de Leica, zusterhaat, zoeken naar eigen identiteit en wanhoop. De tweede wereldoorlog is waar alles om draait in het boek. Als dat nooit was gebeurd zou Hermans dit boek waarschijnlijk niet hebben geschreven. Elke keer in het verhaal komt de tram weer terug en vaak staat het bordje INHALEN VERBODEN bij. Het slaat op de achterstand die Osewoudt heeft op zijn leeftijdsgenoten, hij zal hen ook nooit inhalen, het lijkt zelfs verboden. Ook de Leica( fototoestel) van Osewoudt en de foto’s zijn een belangrijk motief. Deze komen elke keer terug, en zijn erg belangrijk voor Osewoudt om zijn onschuld te bewijzen.


Wanhoop is een belangrijk motief aan het einde van het boek. Osewoudt is dan namelijk wanhopig op zoek naar bewijzen voor zijn onschuld, hij is zelfs zo wanhopig dat hij zijn eigen dood op zoekt, uit wanhoop rent hij het gebouw uit waarin hij opgesloten zit, daarom vermoorden de Nederlanders hem.
Een verassend motief in het boek is zusterhaat. Ria, de vrouw van Osewoudt, staat symbool voor Hermans’ zus. Hermans haatte zijn zus zoals Osewoudt Ria haat.

Opbouw

Het boek begint met het leven van de jonge Osewoudt, en eindigt met de dood van deze hoofdpersoon. Het boek heeft dus een gesloten eind. Het boek is wel in chronologische volgorde verteld, er zaten geen flashbacks en flash forwards in het verhaal, Het verhaal heeft wel een boeiende werking op me gehad, want ik wou wel graag weten hoe het nou met Dorbeck zat.

Personages

Hoofdpersoon is Henri Osewoudt, hij is zoon van sigarenwinkelier in Voorschoten. Zijn moeder vermoordde zijn vader. Hij is opgevoed door zijn oom. Hij heeft weinig contact met anderen. Hij trouwt met zijn zeven jaar oudere en lelijke nicht Ria. Osewoudt doet aan judo. Hij is lelijk, heeft een hoge stem en geen baardgroei. Hij is afgekeurd voor militaire dienst. Hij speelt de rol van verzetsheld. Hij interpreteert de gebeurtenissen op een geheel eigen wijze. Opdrachten van Dorbeck voert hij blindelings uit. Dorbeck is het "geslaagde" exemplaar van Henri, zijn "ideale ik" (dapper, zwart haar enz.)
Jagtman lijkt op Dorbeck, hij is ook officier in het leger. Hij woont op het adres waar Osewoudt zijn foto’s naar moest sturen.
Ria is Henri's zeven jaar oudere, lelijke nicht met wie hij getrouwd is.
Marianne is een ondergedoken joodse studente, die op Henri verliefd raakt en andersom. Aan het einde van het boek gaat ze terug naar Israël.
Moorlag was een student die bij Osewoudt in huis sliep.
Met de meeste bijpersonen kan Osewoudt het wel vinden. Behalve van zijn oom Bart moet hij niet veel hebben.
Ria, zijn vrouw, mocht ook hij niet, omdat zij hem had verraden en omdat zij lelijk was. Daarom werd zij vermoord.

Perspectief en vertelsituatie

Het is een personale roman, verteld door een alwetende verteller.

Ruimte

Het verhaal speelt zich af in veel Nederlandse plaatsen: Leiden, Voorschoten, Amsterdam, Den-Haag, Scheveningen en een korte tijd in Engeland. Deze plaatsen hebben geen invloed op het verhaal. Wel is de omgeving waar het verhaal zich afspeelt vaak donker, en somber.


Taalgebruik en stijl

De zinnen in het boek zijn niet al te lang, en goed te begrijpen. Er werden niet veel moeilijke woorden gebruikt. Af en toe wel eens oud-Nederlandse woorden, zoals bijv. Fournituren. Er zitten veel dialogen in het verhaal, vooral aan het eind. Hij moest veel verhoren ondergaan met Duitse officiers en de Nederlanders die hem gevangen hielden. Het verhaal is boeiend geschreven, want je wou wel graag doorlezen aan het eind van het verhaal, om te weten hoe het afliep.

Mening

Het was een goed boek om te lezen. Het thema was niet al te makkelijk, maar ondanks dat was alles wel te begrijpen. Ik kon me goed inleven in het verhaal, en leefde ook met de hoofdpersoon mee aan het eind van het boek. Ik had een ander eind verwacht, dat de foto uitkomst zou bieden, maar dit was niet het geval. Het was wel een dik boek, maar toen ik eenmaal begon te lezen merkte ik daar niet meer veel van. Daarom zou ik dit boek ook aanbevelen bij mijn medeleerlingen, vooral als ze een goed boek willen lezen.
 
Het boek is ook verfilmd. Hieronder kunt u de trailer bekijken.

 
  

dinsdag 30 oktober 2012

Van de koele meren des doods

Beste lezers,

Onlangs heb ik het boek Van de koele meren des doods gelezen. Het boek Van de koele meren des doods gaat over het leven van een vrouw: Hedwig Margade Fontayne. Ze groeit op in de 19e eeuw in een Hollandse provinciestad. In het boek wordt haar leven van jongs af aan tot haar dood beschreven. Alles wat die zij mee maakt wordt op een psychologische manier beschreven.

 
Ik heb drie stukken genoteerd die ik raar en heftig vindt.

··   Hedwig krijgt een briefje van Johan: 'Wil je onze laatste wandeling nog eens overdoen? Dan zal ik je je zin geven.' 's Nachts droomt ze dat hij in haar kamer is. De volgende dag vindt ze hem op de afgesproken plaats, hij heeft zich met een pistool van het leven beroofd. In zijn hand houdt hij een briefje: 'Nu heb je dan je zin.'

Dit vind ik zo een heftig stukje. Een man die zo hopeloos verliefd is op een vrouw dat hij niet meer weet hoe hij moet leven. Ik vind dat Hedwig Johan had moeten vertellen dat zij hem zag als een vriend niet als een geliefde. Zij heeft hem heel lang laten voelen dat zij hem ook leuk vond, Ik vind dat zij indirect schuldig is voor zijn dood. Als zij hem niet zo had laten ‘afglijden’ in zijn liefde voor haar dan had hij nog een gelukkig leven kunnen hebben. Ze had het nooit zo ver moeten laten komen. Ik heb medelijden met Johan. Hij is nu wel verlost van zijn verdriet om de liefde die hij niet kreeg. Het geeft hem ook rust maar dat dat op zo’n manier moest vind ik treurig.

·     Hedwig schrijft Ritsaard een brief en bekent Gerard dat ze Ritsaards minnares is geweest. Als Gerard dreigt Ritsaard te zullen doden, snijdt ze zich in het bad in haar polsen. Gerard vindt haar. Als ze buiten levens gevaar is, verlaat hij het huis. Hij laat een briefje achter waarop staat dat Ritsaard en Hedwig zijn huis moeten verlaten. Ze gaan nu naar Londen.

Ik vind dat Gerard veel te heftig reageert. Iemand hoeft toch niet gelijk dood?! Hedwig raakt zo overstuur dat ze zichzelf van kant probeert te maken. Dit vond ik daarom ook weer heel erg heftig. Ik vind dood altijd zo’n apart iets maar het zelf doen… Het gaat er bij mij niet zo goed in waarom je dat nou zou doen. Eigenlijk ben ik wel blij dat k dat niet goed kan begrijpen en me niet in zo’n situatie kan verplaatsen want ik heb wel een gelukkige situatie thuis en voel me vrolijk in het leven. Ik hoop dat ik nooit in een soort psychose zal komen als dat van Hedwig.

·     Het apartste stukje vind ik dat Hedwig met haar dode kind in haar koffer naar London gaat. Want je kunt toch niet een lijk in een koffer stoppen, dat doe je toch niet. Ik heb erover nagedacht en ik snap wel dat Hedwig het kindje aan de vader wilde laten zien maar je gaat toch niet een lijk in een koffer stoppen. Het kindje is dood en ze moet begraven worden. Hoe lastig het ook is voor Hedwig. Ze wil het kindje aan de vader laten zien, omdat die haar nog niet heeft gezien. Dat is gewoon de schuld van de vader want hij is niet komen opdagen terwijl hij wist dat het kindje geboren was en ziek was. Dan is het gewoon pech voor de vader. En Hedwig moet haar kindje gewoon begraven vind ik.

 

Frederik van Eeden

 

Dit boek gaat dus over Hedwig Marga de Fontayne, een zeer gevoelige en intelligente vrouw, die haar emoties niet kan of wil koppelen aan de realiteit. Het boek is geschreven door Frederik van Eeden. Zijn ouders, Frederik Willem (geb. 1829) en Neeltje van Warmelo (geb. 1833) waren toen vier jaar getrouwd en hadden al een zoon, Johan (geb. 1875). Frederik Willem had de bloembollenkwekerij van zijn vader overgenomen, maar besteedde zijn tijd liever aan kunst- en wetenschapsbeoefening. Hij was dichter en deed aan filosofie (hij had een grote bewondering voor Schopenhauer en Nietzsche). Van hem moet de kleine Frederik, de latere schrijver van De kleine Johannes, zijn grote liefde voor en zijn kennis van de natuur - speciaal die van het Hollandse duinlandschap - hebben meegekregen.
In september 1872 werd hij leerling van de gemeentelijke h.b.s. aan de Jacobijnenstraat. In deze jaren ontwikkelde hij een sterke neiging tot zelfbeschouwing: vanaf 1875 begon hij met het bijhouden van een dagboek, wat hij de rest van zijn leven zou volhouden. Eind 1875 beschreef hij daarin het sterven van zijn schoolvriend Andries Beuninck, dat hij van nabij had meegemaakt. Het denken aan de dood, dat in Van Koele Meren des doods zo'n grote rol speelt, vindt misschien in deze ervaring zijn oorsprong.


Op 18 februari 1922 werd hij in de Sint Paulusabdij in Oosterhout gedoopt. Zijn geestelijke gezondheid ging sterk achteruit. Bij zijn zeventigste verjaardag, op 3 april 1930, werd hij door vrienden en geestverwanten uit binnen- en buitenland gehuldigd. Twee jaar later, op 16 juni 1932, overleed hij op Walden. Hij werd begraven op het R.K. kerkhof in Bussum.
Frederik van Eeden schreef lyrische en epische poëzie, romans, toneelstukken, wetenschappelijke studies, essays over literatuur en schilderkunst en brochures over politieke en sociale onderwerpen. Daarnaast hield hij zijn leven lang een dagboek bij, noteerde zijn dromen en schreef talloze brieven. Klik op Auteur voor informatie over Frederik van Eeden.
 
Hier nog een filmpje dat bij het boek past!
 

maandag 11 juni 2012

Beste lezers,

Ik zal jullie vertellen waar de Roman overgaat die werd bekroond met de Gouden Uil Prijs van de Lezer en winnaar was van de vijfjaarlijkse prijs voor proza en werd genomineerd voor zowel de Libris Literatuurprijs als de Ako Literatuurprijs. Het is een boek waar je niet mee kan stoppen tijdens het lezen.




Het eerste deel vertelt over de aankomst van Victor Hoppe in het dorpje Wolfheim. De dorpsbewoners vinden Victor eerst vreemd, er zijn veel geruchten over hem en zijn drie kinderen. Als Victor zijn praktijk aan huis opent, verdwijnt de angst voor hem en krijgen de dorpsbewoners vertrouwen in Victor Hoppe. In het tweede deel wordt duidelijk wat Victor doorstaan heeft. Hij heeft de eerste paar jaren van zijn leven als een debiel in een gesticht doorgebracht. Toch leert hij van Zuster Marthe lezen en praten, en vanaf de middelbare school heeft Victor al een interesse voor dokter worden. Victor komt terecht op een universiteit, en kiest voor een opleiding waarbij hij, naar zijn idee, levens kan geven. En zo begint hij met eerst het klonen van muizen, later van mensen. In het derde deel ben je weer een paar jaar verder, en zijn de gekloonde kinderen inmiddels vier jaar oud. Door te korte telomeren, een mutatiefout, gaat het erg slecht met de kinderen. Ze hebben nog maar een paar dagen te leven. Victor vergelijkt zichzelf met Jezus, en vindt dat hij moet boeten voor de fouten die hij heeft gemaakt. Hij eindigt, net als Jezus, aan het kruis. Met het verschil dat Jezus gekruisigd werd, Victor Hoppe deed het zelf.

Het is een echte aanrader voor degene die het boek nog niet hebben gelezen!

vrijdag 16 maart 2012

Spiegel


Spiegel.Weten jullie waar het boek over gaat? Het boek is geschreven door André Brink. Ik heb dit boek gelezen en het gaat over een Nederlandse architect die in Zuid-Afrika woont. Ik vond dit een hele spannende boek. Ik heb het boek in drie avondjes helemaal uitgelezen terwijl ik normaalgesproken er altijd zo lang over doe om een boek uit te lezen. Maar ik ga jullie helemaal uitleggen waarom ik dit boek nou zo spannend vond.

Hebben jullie ooit gehoord van emotionele spanning?

Onder emotionele spanning verstaan we het meeleven met de held waardoor gevoelens van vreugde, verdriet, medelijden en opluchting bij de lezer ontstaan. Ik leg dit jullie aan de hand van een voorbeeld en een passage uit het boek uit. Als een schurk zich bijvoorbeeld misdraagt tegenover een held, versterkt dit de emotionele spanning want je gaat meeleven met de held.  In het boek leefde ik in bepaalde stukken mee met de hoofdpersoon. Op een bepaald moment kreeg de hoofdpersoon Steve ruzie met zwervers in Kaapstad. Steve werd helemaal uitgescholden door de zwervers en er kwam ook een klein vechtpartijtje. Ze staren me allemaal aan. Wanneer ik voorbij loop, scheldt opeens een man uit het groepje: `De zwarte kut van je moer.’ In dit stuk leefde ik erg mee met Steve want ik vond het heel zielig voor hem.

Kunnen jullie nu ook bedenken wat kritische spanning is?

Onder kritische spanning verstaan we dat de lezer aan het denken wordt gezet over gebeurtenissen in een verhaal die hij niet meteen begrijpt. Bijvoorbeeld een man loopt op jongetjes af die een gevaarlijk spelletje aan het spelen zijn. Hij slaat een van de jongetjes een bloedneus. De reden waarom hij dat doet blijkt later in het verhaal: hij is bang voor kinderlokker te worden aangezien. Op dat moment is de kritische spanning opgelost. In het boek Spiegel deed Steve in een stuk heel arrogant tegenover zijn collega’s. Hij vond hun plannen helemaal niet goed en stopte het project met hun. Ik vroeg me af waarom hij nou zo arrogant moest doen en later bleek dat hij zich gewoon niet meer goed voelde nadat alles wat hij in de ochtend had meegemaakt. (Hij was een blanke Nederlandse man en eens een keer keek hij in de spiegel- wat hij elke ochtend al deed- maar dit keer zag hij dat hij opeens een donkerbruine huidskleur had. Steve vond dit heel vreemd en apart en voelde zich daarom niet goed en was helemaal versteld van wat er was gebeurd.)

Zo waren er meerdere stukken in het boek waar ik bijvoorbeeld met de hoofdpersoon meeleefde ( = emotionele spanning) of dat ik mezelf afvroeg van waarom reageert bijvoorbeeld de hoofdpersoon nou op deze manier( = kritische spanning). Hierdoor vond ik het een hele spannende boek.

In dit boek was er ook veel situationele spanning. Er was bijvoorbeeld een stukje waar de hoofdpersoon zich afvroeg hoe zijn vrouw en collega’s zouden reageren als ze zien dat ik nu opeens een donkerbruine huidskleur heb. Dit vroeg ik me ook af, dus het wat echt zo van ‘spannend’. En dit soort spanning wordt situationele spanning genoemd.

Ik hoop dat jullie nog wat hebben geleerd over alle soorten spanningen.